Het artikel gaat hieronder verder.
Het was waarschijnlijk The Economist die de trend het eerst oppikte. Daarna volgden tal van andere media, van Filosofie Magazine, BNR, het FD en Trends in de Benelux, tot The New York Times, The Atlantic en The Observer overzees. Het nieuws is natuurlijk ook te mooi om te laten lopen. Filosofen, op de arbeidsmarkt toch jarenlang behorend tot de minst begerenswaardige beroepen, bleken plots enorm in trek te zijn. En dat allemaal dankzij… A.I. Op PhilJobs, de belangrijkste vacaturebank voor het vakgebied, ging het in 2013 nog om 1% van de functies die raakten aan technologie. Vorig jaar was dat al opgelopen tot 16%.
Wat lang gold als weinig kansrijke richting, blijkt nu vaak een route naar een goedbetaalde baan.
Neem het verhaal van Paul Graham. Toen hij filosofie ging studeren, voelde dat als ‘een gat door je oor laten schieten’, zei hij er zelf over. Oftewel: ‘indrukwekkend nutteloos’. Hij stapte daarom al snel over naar kunstmatige intelligentie. Maar decennia later blijkt zijn aanvankelijke keuze toch zo gek nog niet. Grote techbedrijven werven op dit moment namelijk ineens massaal filosofen, en universiteiten investeren fors in vacatures op het snijvlak van filosofie en A.I. Wat lange tijd gold als een weinig kansrijke studierichting, blijkt nu steeds meer een directe route naar een goedbetaalde baan bij de meest invloedrijke techbedrijven ter wereld.
Betere kansen dan informatici
Filosofen worden bijvoorbeeld aangenomen om modelgedrag te interpreteren, systemen af te stemmen op menselijke waarden en mee te denken over hoe deze technologie zich tot mensen zou moeten verhouden. Nog opvallender: in de Verenigde Staten hebben afgestudeerde filosofen inmiddels een grótere kans op een baan dan afgestudeerde computerwetenschappers. Volgens cijfers van de Federal Reserve Bank in New York was in 2024 5,1% van de afgestudeerde filosofen werkloos, tegenover 7% van de informatici. Het gevolg: Amerikaanse filosofiestudenten worden nu zelfs al gerekruteerd voordat ze zijn afgestudeerd.
‘In de VS hebben filosofen inmiddels een grótere kans op een baan dan computerwetenschappers.
Hoogleraar Luciano Floridi (Yale University) noemt het wervingsbeleid onder zijn studenten zelfs ‘bloederig‘. En Anil Seth, hoogleraar neurowetenschappen aan de University of Sussex die onderzoek doet naar bewustzijn, zegt het beleid wel te snappen: ‘Het lijkt een goede tijd om je als filosoof op de arbeidsmarkt te begeven. Prima. Meer bedrijven zouden filosofen moeten aannemen, want helder denken wordt steeds belangrijker.’
Wie zijn deze filosofen precies?
Bij Anthropic werkt onder meer Amanda Askell, die na een periode bij OpenAI in 2021 overstapte en zich sindsdien bezighoudt met het ‘karakter’ van A.I.-model Claude. Ze werkt er samen met Joe Carlsmith, die er na 7 jaar bij Open Philanthropy aansloot. Bij Google DeepMind leidt Iason Gabriel, voormalig Oxford-hoogleraar politieke filosofie, de inspanningen rond A.I. en moraal. Recent haalde het lab ook Henry Shevlin binnen, hoogleraar aan Cambridge, voor onderwerpen als machinebewustzijn en mens-A.I.-relaties. Om maar een paar voorbeelden te noemen…
Filosoof Peter Godfrey-Smith, hoogleraar aan de University of Sydney, benadrukt dat het om serieuze aanwervingen gaat: de bedrijven zoeken geen PR-mensen die achteraf uitleggen wat er gebeurt, maar denkers die de vraagstukken daadwerkelijk doorgronden.
Een A.I.-model dat structureel hallucineert in plaats van twijfel toe te geven, kan veel leren van Socrates.
Een concrete toepassing: veel taalmodellen hebben de neiging gebruikers naar de mond te praten. Filosoof en A.I.-expert Jörg Noller (universiteit van München) stelt dat training in de socratische methode – het kritisch bevragen van aannames – modellen waarachtiger en minder volgzaam kan maken. Dezelfde denktraditie levert ook intellectuele bescheidenheid: ‘Ik weet dat ik niets weet’, zei Socrates al. Een A.I.-model dat structureel hallucineert in plaats van twijfel toe te geven, kan van precies dat inzicht leren.
Grondwetten voor bots
Op het gebied van veiligheid schrijven filosofen bijvoorbeeld mee aan wat inmiddels ‘constitutionalism‘ heet: een verzameling regels waar een model zich aan moet houden. De ‘grondwet’ van Claude is zo onder meer gebaseerd op het denken van Immanuel Kant en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Kants plichtethiek (deontologie) stelt dat een systeem zich aan vaste regels moet houden – niet liegen, niet dwingen – ongeacht de uitkomst. Techfilosoof Thomas Powers (University of Delaware) noemt dat een pluspunt voor het inzetten van robots in huizen en publieke ruimtes, omdat het gedrag voorspelbaarder maakt.
Voor recruiters in tech en A.I. is het een nieuw profiel om in de gaten te houden.
Andere systemen, waaronder ChatGPT en Gemini, leunen juist op consequentialisme: de afweging welke actie per saldo de beste uitkomst oplevert. Dat principe wordt ook toegepast bij zelfrijdende auto’s, die bij een onvermijdelijk ongeval moeten ‘kiezen’ welke schade het kleinst is. Hoe dan ook, voor de arbeidsmarkt blijkt de trend een omkering van een oud vooroordeel: waar een geesteswetenschappelijke studie lang een risicovolle – of zelfs: vrij kansloze – carrièrekeuze leek, is filosofie in de VS nu aantoonbaar kansrijker dan informatica. En ja, dan is het natuurlijk niet gek dat zoveel media erop springen.
Al relativeert iemand als Robert Long, die de non-profit Eleos AI leidt en zich richt op het welzijn van AI-systemen, het effect op de bredere arbeidsmarkt wel. Het aantal onderzoekscentra rond A.I. en ethiek groeit wel, zegt hij, maar heus nog niet genoeg om de arbeidsmarkt voor filosofen in het algemeen minder zwaar te maken. Voor recruiters in tech en A.I. is het niettemin een nieuw, groeiend profiel om in de gaten te houden: filosofisch geschoolde kandidaten die niet aan de universiteit of in de media belanden, maar op de engineering-vloer.
