Het artikel gaat hieronder verder.
Als je willekeurige groepjes mensen vraagt om een ranking te maken van voor de samenleving cruciale beroepen, dan komen zorg en onderwijs altijd bovenin uit. Onderaan de lijst staan dan doorgaans juist functies die iets met marketing te maken hebben, weet Jouke Post. Dat bleek bijvoorbeeld ook tijdens de coronacrisis. Maar opvallend: terwijl in de praktijk juist de onderwijs- en zorgsector kampen met de grootste tekorten denkbaar, wordt geschat dat er in Nederland tussen de 20.000 en 25.000 online marketingbureaus actief zijn, en werken er in de sector reclame maar liefst zo’n 200.000 mensen.
Zorg en onderwijs komen altijd bovenin de lijstjes met cruciale beroepen, marketing juist onderin.
De discussie over zogenaamde bullshit jobs was op zichzelf wetenschappelijk gezien ook bullshit, aldus Post. Maar het roept wel interessante vragen, hield de hoofddocent en onderzoeker aan de Saxion Hogeschool woensdag zijn gehoor voor, toen hij in het karakteristieke Slachtstraat Filmtheater in Utrecht een inleiding hield over ‘De goede loopbaan’, voorafgaand aan de uitreiking van de David van Lennep-scriptieprijzen. Want nu de arbeidsmarkt structureel krap lijkt te blijven, is het dan bijvoorbeeld een goed idee om meer dan nu te proberen te sturen op wat maatschappelijk echt belangrijke banen zijn? En wat betekent dat dan?
Opa vertelt
Hij werd zelf met het vraagstuk geconfronteerd toen hij recent opa werd, vertelt hij, en merkte dat zijn dochter vanwege de krapte misschien achter het net zou vissen qua kraamzorg. Het was een van de momenten waarop hij begon na te denken over de vraag of wat we verstaan onder een ‘goede loopbaan’ niet langer alleen zouden moeten afmeten aan ons eigen werkgeluk, maar ook aan wat we bijdragen aan het collectief. Het leidde afgelopen zomer tot het schrijven van een whitepaper waarin hij de spanning tussen individuele keuzes en het bredere belang van werk onderzoekt. En waarover hij woensdag in de filmzaal dus verder vertelde.

De lege straten tijdens corona leidden tot een herwaardering van wat we “cruciaal werk” noemen.’
‘Het idee dat de mens vrij is en zijn eigen essentie kiest, staat tot nog toe centraal in onze huidige loopbaanbegeleiding’, aldus Post. Maar hoe verhoudt deze persoonlijke fit met het werk zich met de sociale fit? Ook hier verwijst hij naar de tijd van de coronapandemie. ‘De lege straten en de crisis leidden tot een herwaardering van wat we “cruciaal werk” noemen. De morele dimensie van werk – de vraag “maakt u ook iets nuttigs?” – stond plots weer op de agenda.’ Post bepleit daarbij dat we zowel politieke als morele keuzes moeten maken: sommige banen zijn simpelweg belangrijker voor het draaiend houden van de samenleving dan andere, ziet hij.
Responsieve loopbaanpaden
De toekomst ligt volgens Post in wat hij noemt ‘responsieve loopbaanpaden’. Dit betekent dat we de persoonlijke vrijheid (het willen) verbinden aan de maatschappelijke continuïteit (het moeten). De zoektocht naar zingeving op het werk is hem momenteel te individueel. Al vraagt dit wel om een systeembenadering waarbij de overheid en het onderwijs actiever sturen op schaarste. In landen als Finland, Noorwegen en Canada gebeurt dat trouwens al, legde hij uit. ‘In deze landen wordt al op nationaal niveau nagedacht over hoe het beroepsonderwijs beter kan aansluiten op de arbeidsmarkt door alle betrokken partijen te verenigen.’

‘Het is tijd voor een arbeidsbestel waarin we weer durven te vragen: is dit nuttig?’
Ook skill-based werven, waarbij je kijkt naar wat iemand echt kan in plaats van alleen naar welk diploma hij of zij heeft, noemde hij hierbij trouwens essentieel. En zo betrad hij ook het domein van de recruiters en de loopbaanbegeleiders, de traditionele bemiddelaars tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Ook zij zouden zich volgens hem best eens wat vaker mogen afvragen: in wat voor wereld wil ik leven? En hoe kan ik daaraan bijdragen? ‘De tijd dat een loopbaan louter een instrument voor zelfontplooiing was, lijkt definitief voorbij’, aldus Post. ‘Het is tijd voor een arbeidsbestel waarin we weer durven te vragen: is dit nuttig?’
De prijzen
Hoe dat dan precies uitgewerkt moet worden, en wie bepaalt wat nuttig is en wat niet, dat liet hij maar even in het midden. Maar het was in elk geval een interessante overdenking, vóór de uitreiking van de prijzen, waarvoor dit jaar 16 inzendingen te noteren waren, en waarbij TU/E-student Wouter van Ingen uiteindelijk aan de haal ging met de eerste prijs, met zijn onderzoek naar een online training die medewerkers helpt om A.I. effectief in het dagelijkse werk te integreren.
Met zijn scriptie versloeg hij onder meer Radboud-student Daphne van Tienen, die interessant onderzoek had gedaan naar de invloed van sociale klasse op sollicitatiekansen, waarin ze bijvoorbeeld liet zien dat werk zoeken voor zowel mensen met een welvarende als minder welvarende achtergrond allebei even frustrerend kan zijn. Maar, zo toonde ze ook aan, mensen met een lagere sociale achtergrond solliciteren minder snel op bepaalde functies, terwijl ze daar wel geschikt voor kunnen zijn. En zo gaat nog steeds veel talent verloren voor de arbeidsmarkt.
Meer weten?
Lees hier de hele whitepaper over ‘De goede loopbaan’
De goede loopbaan

