Het artikel gaat hieronder verder.
Veel gamen: daar leer je systeemdenken, aanpassingsvermogen en samenwerking onder druk van, zo wordt vaak verondersteld. En dat zijn skills waar menig werkgever ook van zegt ernaar op zoek te zijn. Maar de praktijk blijkt toch weer eens anders dan gedacht. Uit een recent Duits experiment blijkt namelijk dat (fictieve) sollicitanten die gamen als buitenschoolse activiteit vermeldden, lager werden ingeschat op geschiktheid voor de functie dan een gelijkwaardige sollicitant die volleybal op z’n cv vermeldde.
Het onderzoek, Game Over or Game Changer?, werd gepubliceerd in het Journal of Personnel Psychology. Onderzoeksauteur Johannes M. Basch en zijn collega’s wilden onderzoeken hoe de gamingvaardigheden van sollicitanten hun kansen op een baan en de kwaliteit van hun cv beïnvloeden tijdens de voorselectie. Ze voerden een onderzoek uit waarin ze gaming en deelname aan een teamsport, vermeld als buitenschoolse activiteiten op cv’s, met elkaar vergeleken. Ze vergeleken deze twee niveaus van vaardigheid: neutraal/gemiddeld en hoog.
Liever geen Legend?
In de twee groepen vermeldde het cv van de deelnemers in de ene groep dat de sollicitant een diagonale aanvaller was in de derde nationale volleybalcompetitie en teamcaptain. In de andere groep speelde de sollicitant in de Prime League van het spel League of Legends. De Prime League is de officiële Duitstalige League of Legends-competitie, georganiseerd door uitgever Riot Games. De resultaten toonden aan dat de (fictieve) sollicitant die gamen als buitenschoolse activiteit vermeldde, lager werd ingeschat op de kans op een baan dan de sollicitant die volleybal vermeldde.

Probleemoplossend vermogen, strategisch denken, hand-oogcoördinatie, snelle besluitvorming en het vermogen om complexe regelsystemen te leren: je zult het met gamen allemaal vast wel onder de knie krijgen, maar blijkbaar geven werkgevers toch de voorkeur aan meer sportieve types. Al speelt natuurlijk wel mee dat het hier ging om een (fictieve) vacature voor een client services advisor, waarbij de onderzoekers wel poogden – in eigen woorden: ‘een balans te bieden tussen technologische, interpersoonlijke en teamvaardigheden, om te voorkomen dat één specifieke vaardigheid te veel nadruk kreeg.’
Meer onderzoek is nodig…
De auteurs van de studie merken op dat de formulering van hun fictieve vacature de deelnemers mogelijk ertoe heeft aangezet om meer nadruk te leggen op interpersoonlijke skills dan op computervaardigheden. Hierdoor zou volleybal, als teamsport die interpersoonlijke communicatieve vaardigheden vereist, relevanter kunnen lijken voor de functie dan de auteurs aanvankelijk bedoeld hadden. ‘Toekomstig onderzoek is dan ook nodig om de beperkingen van onze studie aan te pakken en te onderzoeken of deze effecten variëren tussen verschillende sectoren, functie-eisen en organisaties’, concludeerden ze.
