Het artikel gaat hieronder verder.
Moeten werkgevers wettelijk worden verboden om sollicitanten te vragen waar ze hun opleiding hebben genoten? Deze vraag is in Zuid-Korea (opnieuw) actueel geworden: wetgevers en maatschappelijke organisaties dringen aan op een verruiming van de regels voor ‘eerlijke werving’ en stellen dat werving die zich richt op academische achtergrond de afhankelijkheid van mensen van particulier onderwijs vergroot en de sociale kloof vergroot.
Selecteren op studie zou de sociale kloof vergroten.
In het kader van gelijke kansen mogen Zuid-Koreaanse werkgevers momenteel al géén informatie opvragen over het uiterlijk, de geboorteplaats, de burgerlijke staat of het vermogen van een sollicitant. De voorgestelde herziening zou academische achtergrond en religieuze overtuiging aan die lijst toevoegen, wat de meest ingrijpende uitbreiding van wervingsbeperkingen in jaren zou betekenen.
The SKY is the limit
Deze stap komt te midden van groeiende bezorgdheid over de zogenoemde ‘onderwijswedloop’ in het land. Toelating tot de meest prestigieuze universiteiten – gezamenlijk bekend als SKY (Seoul National University, Korea University en Yonsei University) – wordt vrij algemeen beschouwd als een voorwaarde voor professioneel succes. Deze perceptie heeft ertoe bijgedragen dat de uitgaven aan particulier onderwijs recordhoogtes hebben bereikt. In 2024 gaven huishoudens 29 biljoen won (zo’n 20 miljard dollar) uit aan privélessen en -academies, de vierde jaarlijkse stijging op rij en het hoogste totaal ooit.
Zuid-Koreanen besteedden jaarlijks 20 miljard dollar aan privélessen.
Voorstanders van het wetsvoorstel stellen dat het beperken van het belang van academische kwalificaties bij werving en selectie de link tussen onderwijskansen en carrièreresultaten kan verzwakken. Critici stellen daarentegen dat het weglaten van academische informatie uit het wervingsproces ertoe kan leiden dat werkgevers de capaciteiten van werknemers verkeerd inschatten en dat het weinig bijdraagt aan het verminderen van de concentratie van afgestudeerden van elite-universiteiten op de arbeidsmarkt.
Al eerder geprobeerd
Korea heeft al geëxperimenteerd met het beperken van academische informatie via zogenoemde anonieme werving. Vanaf 2017 kregen openbare instellingen de instructie om geen foto’s, familieachtergrond en academische kwalificaties van sollicitanten te vragen, en in plaats daarvan te vertrouwen op functiegerelateerde tests en selectiegesprekken. De hervorming bleef sindsdien echter grotendeels beperkt tot de publieke sector. Het voorgestelde wetsvoorstel zou wat tot nu toe een beleidsrichtlijn is geweest, omzetten in een wettelijke verplichting en deze ook uitbreiden naar particuliere bedrijven.
De resultaten van de anoniemere werving líjken positief.
De resultaten van de meer anonieme werving geven gemengde signalen. Na de invoering van het beleid is het aantal universiteiten dat vertegenwoordigd is onder succesvolle sollicitanten bij openbare instellingen toegenomen. Bij de aanwervingen bij openbare instellingen en staatsbedrijven daalde het aandeel afgestudeerden van SKY van 8,0% in 2016 naar 5,3% in 2019. Het aandeel afgestudeerden van universiteiten buiten de grote steden steeg van 44% naar 53%, en het aandeel vrouwen nam toe van 34% naar 39%.
Over op indirecte methoden
Een onderzoek uit 2023 van het Korea Research Institute for Vocational Education and Training wees echter uit dat de invloed van academische achtergrond op werkgelegenheid in de publieke sector direct na de invoering van het beleid weliswaar afnam, maar later schommelde zonder een aanhoudende neerwaartse trend. De onderzoekers suggereerden dat, hoewel openlijke discriminatie afnam, werkgevers geleidelijk overgingen op meer indirecte methoden om de kenmerken van sollicitanten af te leiden, waardoor de impact van het beleid in de loop der tijd verzwakte.
Bijna 2/3 van de Koreanen wil bedrijven straffen die discrimineren op opleiding.
De publieke opinie lijkt de voorgestelde wetswijziging wel te steunen. In een enquête onder ruim 1.000 volwassenen gaf 74,7% van de respondenten aan dat discriminatie op basis van academische achtergrond een ernstig probleem is. Ongeveer 85,2% was het ermee eens dat academische achtergrond van invloed is op aanwervingsbeslissingen, terwijl 62,8% vond dat een wet nodig is om bedrijven te straffen die discrimineren op basis van de alma mater of het opleidingsniveau van een sollicitant. Een enquête uit 2024 van de Korea Broadcasting System wees uit dat discriminatie op basis van academische achtergrond werd gezien als de ernstigste vorm van vooroordeel in de Zuid-Koreaanse samenleving, met bijna 30% van de stemmen.
Elite zegt wel iets
Maar er zijn ook critici van het voorstel, die betogen dat een elite-opleiding niet zomaar niets waard moet zijn. ‘Universiteiten in Korea selecteren studenten strikt op basis van bekwaamheid’, zegt bijvoorbeeld Park Nam-gi, emeritus hoogleraar aan de Gwangju National University of Education. ‘Ze leiden hen op met topdocenten en -programma’s. Als je [een werknemer] selecteert op basis van verdienste, zullen afgestudeerden van elite-universiteiten vanzelfsprekend de overhand hebben.’
‘Schoolachtergrond is niet onze topprioriteit, maar we kijken er wel naar.’
Hij vergeleek blinde werving met het verwijderen van merklabels van smartphones en consumenten vragen het beste product te kiezen zonder te weten wie het heeft gemaakt. Veel recruiters in Zuid-Korea zeggen dat academische achtergrond zelden het belangrijkste criterium is bij de aanwerving; het fungeert eerder als een praktisch filter. ‘Schoolachtergrond is niet onze topprioriteit, maar we kijken er wel naar’, aldus een HR-manager bij een bedrijf in consumentengoederen. ‘Voor starters zonder duidelijke werkervaring zijn er weinig indicatoren van hun vaardigheden. In die gevallen wordt iemands academische achtergrond een referentiepunt.’
Blinde werving
Sommige bedrijven, zoals LG Electronics, hebben de voorgestelde richting al vrijwillig gekozen. Volgens een analyse van Spring of Education die afgelopen juli werd gepubliceerd, hebben 46 van de 160 grootste conglomeraten van Korea – oftewel 28,8% – formele regels die discriminatie op basis van academische achtergrond verbieden of hebben ze expliciet blinde werving ingevoerd. Dat cijfer vertegenwoordigt een stijging van 5,4 procentpunt ten opzichte van het voorgaande jaar. Die verandering heeft de hoofden van ouders echter nog nauwelijks bereikt: zij blijven hun kinderen pushen om zo hoog mogelijk te scoren. Van alle 6-jarige Zuid-Koreanen volgt al bijna de helft (!) op een of andere manier privé onderwijs.
Van de 6-jarigen volgt al bijna de helft (!) op een of andere manier privé onderwijs.
Onderwijsdeskundigen en beleidsmakers waarschuwen dat de hevige concurrentie om een plek op de elite-universiteiten chronische stress veroorzaakt bij kinderen van slechts 7 jaar oud, en tevens bredere maatschappelijke trends beïnvloedt, zoals uitgestelde huwelijken en dalende geboortecijfers. Met het wetsvoorstel zou dat kunnen veranderen, aldus Song In-soo, medeoprichter van de burgergroep Spring of Education. ‘De reden waarom academische achtergrond zo belangrijk is, is omdat recruitmentpraktijken draaien om de school die je hebt bezocht. Dit is direct verbonden met het soort baan dat je kunt krijgen’, vertelde hij aan This Week in Asia. ‘Mensen hebben het gevoel dat ze naar bepaalde universiteiten moeten gaan om een hoger salaris en een stabiele baan te krijgen.’
Foto boven: Ewha Womans University, Seoul