Trump start onderzoek naar bedrijven die nog steeds wél aan diversiteit doen

Diversiteit was een paar jaar geleden misschien wel de meest gebruikte buzz-term in recruitment. Congressen werden er over vol gesproken, een wet erover sneuvelde hier maar ternauwernood, vrijwel iedereen leek er wereldwijd wel mee bezig, met name na de omvangrijke Black Lives Matter-protesten. En het bleek nog te werken ook. Maar dit jaar lijkt alles anders, niet in de laatste plaats in de VS, waar sinds begin dit jaar Donald Trump opnieuw de presidentiële scepter zwaait. Niet alleen verbood hij in de eerste maand van zijn termijn al alle DEI-programma’s, nu gaat hij zelfs nog een stap verder en op jacht naar bedrijven die nog wél aan diversiteit (zeggen te) doen.

Omdat het nog niet zo makkelijk is om in te grijpen in de keuzes die bedrijven eigenstandig maken (zeker niet als je je nog enigszins als economisch liberaal wilt blijven profileren), zoekt Trump nu zijn toevlucht tot de zogeheten False Claims Act, eigenlijk bedoeld als anti-fraudewetgeving, waarmee de overheid in staat is geld terug te vorderen dat verloren is gegaan door fraude. Op basis hiervan is hij onderzoek gestart naar bedrijven als Google en Verizon, meldde de Wall Street Journal zondag. Ook bedrijven in de auto-industrie, farmaceutische industrie, defensie en nutsbedrijven zouden onderwerp van het onderzoek zijn. 

Google schrapte al

Het onderzoek naar Google is des te meer opmerkelijk, omdat het bedrijf eerder dit jaar al duidelijk maakte al zijn programma’s op het gebied van diversity, equality and inclusion te schrappen, ook om nog in aanmerking te kunnen komen voor overheidscontracten. Waar in eerdere jaarverslagen van moederbedrijf Alphabet bijvoorbeeld nog stond dat Google ‘zich inzet om diversiteit, gelijkheid en inclusie onderdeel te maken van alles wat we doen en om een ​​personeelsbestand te ontwikkelen dat representatief is voor de gebruikers die we bedienen’, is die zinsnede in het meest recente jaarverslag al verdwenen.

In 4 jaar tijd verdubbelde het aantal zwarte leidinggevenden bij Google.

Google, goed voor zo’n 180.000 werknemers wereldwijd, stelde destijds in een verklaring: ‘We zetten ons in voor een werkomgeving waar al onze medewerkers kunnen slagen en gelijke kansen hebben. Het afgelopen jaar hebben we onze programma’s die ons daarbij moeten helpen, herzien’, […] ook ‘naar aanleiding van recente rechterlijke uitspraken en presidentiële decreten over dit onderwerp.’ Volgens Google’s laatste diversiteitsrapport steeg de vertegenwoordiging van zwarte mensen in de top van het bedrijf van 2,6% in 2020 naar 5,1% in 2024. Het aandeel vrouwen in leidinggevende functies steeg van 26,7% in 2020 naar 32,8%.

Lees ook

Waarom we in 2026 afstevenen op ‘Jobs Chaos’ (en nee, dat is geen apocalyps)

Als we praten over de toekomst van werk en A.I., zien we vaak twee uitersten. Aan de ene kant: robots nemen alles over en iedereen raakt werkloos. Aan de andere kant: A.I. maakt ons werk alleen maar leuker en makkelijker, en levert méér banen op, niet minder. De werkelijkheid ligt – natuurlijk, zoals altijd – ergens in het midden. Volgens recente onderzoeken, onder andere van Gartner, IDC en het World Economic Forum (WEF), staan we niet voor een ramp, maar voor wat zij noemen: Jobs Chaos. Geen einde van werk, maar een periode van snelle, rommelige en voortdurende verandering.

Er komt geen massale werkloosheid. Integendeel.

Laten we dus maar meteen een misverstand wegnemen. Er komt geen massale werkloosheid. Integendeel. Het World Economic Forum schetst in het Future of Jobs Report 2025 juist een opvallend optimistisch beeld: tussen nu en 2030 worden naar schatting 170 miljoen nieuwe banen gecreëerd, terwijl 92 miljoen verdwijnen. Dat betekent een netto groei van 78 miljoen banen wereldwijd. Gartner voorspelt zelfs dat A.I. meer banen creëert dan vernietigt, maar dit effect begint pas vanaf 2028. Waar zit dan de chaos? In de snelheid en schaal.

Alle industrieën geraakt

Vanaf 2028 zullen wereldwijd elk jaar meer dan 32 miljoen banen sterk veranderen. Dit is geen eenmalige reorganisatie, maar een permanente staat van verandering. Om je een idee te geven: dat betekent dagelijks 150.000 banen die evolueren door upskilling en 70.000 banen die volledig worden herschreven. Voor medewerkers betekent dit iets fundamenteels: de klassieke functiebeschrijving verdwijnt. Je wordt niet meer aangenomen voor één vaste rol, maar voor een set vaardigheden die regelmatig zal veranderen en waarvan 39% ervan tegen 2030 verouderd kan zijn.

Jobs Chaos is niet zozeer destructief, als wel radicaal onrustig.

Dit is Jobs Chaos: niet zozeer destructief, maar wel radicaal onrustig. Het WEF-onderzoek naar 78 miljoen nieuwe banen laat zien dat de groei breder verdeeld is dan veel mensen denken. Niet alleen technische banen zullen groeien. Ook zorg, onderwijs, bouw, landbouw en diensten krijgen meer mogelijkheden door demografische en economische trends. Dit suggereert dat Jobs Chaos alle industrieën raakt, niet alleen de digitale.

Geen HR-probleem

Daarnaast veranderen vaardigheden sneller dan ooit. Ongeveer 39% van de huidige vaardigheden zal tegen 2030 verouderd zijn, een daling van 44% in 2023 en 57% in 2020. Dit is goed nieuws: het suggereert dat meer werknemers (50%) bijscholing volgen dan voorheen (41% in 2023). Maar het tempo van verandering blijft gigantisch. De skills-gap is het grootste struikelblok op de arbeidsmarkt. Van de werkgevers geeft 63% aan dat het gebrek aan juiste vaardigheden hun grootste obstakel is om klaar te zijn voor de toekomst. Dit is niet een HR-probleem, het is een bedrijfsstrategieprobleem.

Generatieve A.I. is handig, maar nog vrij passief.

De motor achter de chaos: van chatbot naar Agentic AI. Tot nu toe gebruikten we vooral generatieve A.I., denk aan ChatGPT die teksten voor je schrijft. Handig, maar nog vrij passief. Vorig jaar kwam daar ineens Agentic AI bij: systemen die zelf actie ondernemen. Ze plannen afspraken, regelen bestellingen, verwerken facturen en nemen beslissingen binnen vooraf ingestelde regels. Ze werken niet voor je, maar eerder mét je, als een digitale collega.

Samenwerken met AI-agents

IDC verwacht dat tegen 2027 40% van de grote bedrijven ter wereld agentic AI zal adopteren, en dat tegen 2026 al 40% van de functies bij deze bedrijven zal inhouden dat werknemers samenwerken met AI-agents. Tegelijkertijd waarschuwt Gartner dat 40% van de agentic AI-projecten zal falen vanwege hoge implementatiekosten en complexiteit. Dit is waar Jobs Chaos werkelijk voelbaar wordt: mensen voeren minder taken zelf uit, maar moeten veel meer toezicht houden, strategische keuzes maken en digitale assistenten sturen.

In Nederland ziet de Sociaal-Economische Raad een specifiek risico waaraan we beter nu al aandacht kunnen besteden. A.I. kan veel van de taken overnemen die traditioneel door stagiairs en junior medewerkers worden uitgevoerd: eerste analyses, klantcontact, basisonderzoek, data-entry. Dat klinkt efficiënt. Maar het roept tegelijk een ernstige vraag op: als A.I. voortaan het leerwerk doet, hoe bouwt de volgende generatie dan expertise op? Senior specialisten worden niet vanzelf gemaakt. Daar zijn jaren van ervaring, gemaakte fouten en begeleiding voor nodig.

De Junior Trap

Zonder gerichte aanpak, zoals expliciete mentorprogramma’s of gerichte junior-trainingen, dreigt er een gat te ontstaan. Over enkele jaren hebben we mogelijk té veel AI-tools en te weinig ervaren professionals die weten hoe je ze inzet. Dit is de Junior Trap: efficiëntie vandaag kan een talent-crisis morgen betekenen. Nederland zet al vol in op versnelde automatisering; 86% van Nederlandse bedrijven implementeert A.I. sneller dan veel anderen. Dit vergroot het risico, maar ook de kans: bedrijven die nu in human capital investeren, zijn straks klaar om te winnen.

Hoe blijf je als organisatie overeind in deze Jobs Chaos?

Hoe blijf je als organisatie overeind in deze chaos? Niet door alleen in technologie te investeren, maar juist: door de mens centraal te stellen. Organisaties die proberen mensen louter te vervangen verliezen vaak juist hun innovatiekracht. Ze verliezen ook werknemers: Deloitte’s onderzoek naar Stagility toont aan dat 75% van werknemers meer stabiliteit wil, terwijl 85% van executives zeggen dat wendbaarheid nodig is. De bedrijven die winnen zijn degenen die de combinatie van beide leveren: stabiliteit en wendbaarheid tegelijk.

Niet sentimenteel

Wat betekent dat? Een mix van:

  • Zekerheid: Medewerkers weten dat hun rol evolueert, maar dat ze niet zomaar vervangen worden.
  • Vertrouwen: Duidelijke communicatie over hoe A.I. hun werk verandert, niet vervangt.
  • Ruimte om te groeien: Investering in opleiding, vooral van junior talent, zodat ze de volgende fase van hun carrière kunnen bereiken.

Dit is niet sentimenteel, het is strategie. Bedrijven met stabiele, goed getrainde teams presteren beter onder druk dan bedrijven met hoge verloop en gaten in expertise. 2028 lijkt ver weg, maar de fundering wordt vandaag gelegd. Jobs Chaos betekent niet het einde van werk, het is de start van een fundamenteel nieuwe manier van werken. Het gaat niet meer om het vullen van vaste vacatures, maar om het managen van een voortdurende verbinding tussen mens en digitale agenten. Organisaties die nu investeren in:

  • Opleiding – vooral van junior talent,
  • Mensgerichte transformatie – A.I. als hulpmiddel, niet als vervanging
  • Stabiliteit naast wendbaarheid – zodat medewerkers kunnen groeien in onzekerheid

… zullen straks floreren. De rest loopt het risico niet alleen inhoudelijk, maar ook cultureel, verdwalen in de chaos. De toekomst van werk is niet tech-first. Het is human first, powered by A.I.

Over de auteur

Dit verhaal is geschreven door Data & AI Recruiter Jan van der Laan, alias The DataFather.

A.I. en de automatisering van werk in Nederland: een evidence-based analyse

De opkomst van A.I. en AI-agents verandert werkprocessen wereldwijd. Recente analyses van internationale onderzoeksinstituten tonen aan dat een aanzienlijk deel van het werk kan worden geautomatiseerd. Het McKinsey Global Institute (beeld boven) becijfert dat 57% van alle werkuren technisch te automatiseren is met de huidige generatie A.I.-systemen. Tegelijk nuanceert MIT CSAIL dat slechts 11,7% van die taken vandaag de dag al economisch haalbaar is. Dit verschil tussen potentieel en haalbaarheid, de zogenoemde Implementation Gap, bepaalt wie straks profiteert van A.I. en wie achterblijft.

Minder dan 5% heeft A.I. al daadwerkelijk operationeel in workflows.

Dit artikel onderzoekt de implicaties van A.I. voor Nederlandse organisaties, met een focus op arbeidsmarktdynamiek, skills, werving en governance. Deze analyse combineert data van 5 internationale onderzoeksinstituten uit meer dan 130 publicaties uit de periode 2023 tot 2025. Cijfers zijn geïnterpoleerd naar de Nederlandse context met CBS-data over A.I.-adoptie, sectorale verdelingen en organisatieomvang. Nederlandse casusdata zijn gebruikt via de BCG AI Adoption Benchmark 2025. En dan blijkt bijvoorbeeld dat minder dan 5% A.I. daadwerkelijk operationeel heeft in workflows.

Veel gebruikt, maar weinig adoptie

Deze cijfers tonen aan dat er een groot verschil bestaat tussen wat A.I. kan doen en wat organisaties daadwerkelijk implementeren. Voor Nederlandse organisaties betekent dit dat vroege actie cruciaal is om competitief te blijven. CBS-cijfers tonen aan dat 95% van Nederlandse organisaties A.I, gebruikt, maar dat slechts 5% meetbare productiviteitswinst rapporteert. De sectorale adoptie verschilt daarbij aanzienlijk:

  • Informatie & Communicatie: 58% adoptie
  • Retail: 50% adoptie
  • Zorg en onderwijs: 42% adoptie

Daarnaast is er een duidelijke organisatiegrootte-kloof: bedrijven met 10 tot 50 werknemers realiseren slechts 8 tot 13% adoptie, terwijl organisaties met meer dan 500 medewerkers 48% adoptie rapporteren. Een geverifieerde casus: BCG rapporteert dat Nederlandse financiële instellingen gemiddeld 30% productiviteitsverbetering realiseerden bij vroege A.I.-adoptie in backoffice processen, gecombineerd met een 15% reductie in handmatige taken.

Pas op voor agent sprawl

De verschuiving van taken naar A.I. verandert de inhoud van functies aanzienlijk. Volgens BCG verschuiven rollen van uitvoerende taken naar workflow-regie en A.I.-validatie. Het World Economic Forum voorspelt dat 44% van de vaardigheden binnen 5 jaar verandert. Wat betekent dat voor HR en recruiters?

  • Oordeelsvorming en kwaliteitscontrole: Supervisie van A.I.-output
  • Proces- en projectregie: Orkestratie van A.I.-gestuurde workflows
  • Creativiteit en conceptueel denken: Taken die A.I. niet kan repliceren
  • Digitale adaptiviteit: Snel leren omgaan met nieuwe tools en systemen

44% van de vaardigheden verandert binnen 5 jaar.

Gartner waarschuwt voor agent sprawl: het ongebreideld inzetten van A.I. zonder menselijke supervisie kan leiden tot compliance- en ethische risico’s. In Nederland heeft dit praktische HR-implicaties:

  • Functioneringsgesprekken en taakherontwerp moeten A.I.-impact meenemen
  • Re-integratie en reskilling worden wettelijk onderdeel van arbeidsvoorwaarden
  • Governance-structuren moeten duidelijk toezicht op A.I.-gestuurde processen waarborgen

Strategische urgentie

Gartner stelt dat CIO’s en CHRO’s 3 tot 6 maanden hebben om een Agentic AI-strategie vast te stellen. BCG toont aan dat slechts 5% van organisaties nu al AI ready is. Deze koplopers realiseren 2 keer hogere omzetgroei en 40% meer kostenbesparing dan achterblijvers. Organisaties die wachten, lopen het risico een adoptiekloof te ervaren die exponentieel groter wordt.

Koplopers realiseren 2 keer hogere omzetgroei en 40% meer kostenbesparing.

Wat staat HR-afdelingen daarom te doen?

  • Skills audit: Bepaal per functiecluster de verhouding ‘uitvoerend vs. regisserend’ werk
  • Reskilling budget: Reserveer minimaal 15% van HR-budget voor AI-fluency-training (Gartner-richtlijn)
  • Governance-commissie: Stel een ‘human-in-the-loop’-comité op voor A.I.-beslissingen met werkgevers- en werknemersvertegenwoordigers (EU AI Act compliance)
  • Werving pivot: Schrap ‘5 jaar ervaring met Excel’ uit functieprofielen; vervang dat door ‘Kan financiële afsluiting orkestreren met A.I.-validatie’ (MIT skill framework)

Organisaties die deze stappen voor het tweede kwartaal van 2026 implementeren, realiseren 40% snellere adoptie dan achterblijvers, stelt BCG. Organisaties hebben nu nog een venster van 6 tot 12 maanden om workflows, skillsbeleid en governance aan te passen, wil men de versnellende tweedeling tussen koplopers en achterblijvers voorkomen. Het advies is duidelijk: focus niet op het schrappen van banen, maar op het herontwerpen van taken, het valideren van A.I.-output en het trainen van medewerkers in nieuwe, regisserende rollen.

Over de auteur

Dit verhaal is geschreven door Data & AI Recruiter Jan van der Laan, alias The Data Father.

Lees ook

 

Hoe ‘droge humor’ de jonge doelgroepen naar de waterbouw moet doen bewegen

Op de valreep van het nieuwe jaar nog (een aankondiging van) een mooie campagne, en opnieuw eentje met betrekking tot de eerste levensbehoefte: water. Hadden we vorige maand al de campagne van de verenigde Waterschappen in de spotlight, voor deze laatste editie van 2025 is de aandacht gericht op de ‘droge humor’ die de campagne van de brede Vereniging van de Waterbouwers kenmerkt, en die zich vooral focust op de doelgroep van 12 tot 20 jaar. Onder de slogan ‘Hou het lekker droog’ krijgen zij komische beelden voorgeschoteld, vol ‘droge’ en herkenbare situaties waaruit het belang van de waterbouw naar voren komt.

‘Vraag nu aan een middelbare scholier wat waterbouw is, en je wordt waarschijnlijk glazig aangekeken…’

‘Stap één is bekendheid’, vertellen Erwin Holterhues, Adviseur Arbeidsvoorwaarden & Sociale Zaken, en Isolde Struijk, bestuurslid en liaison voor het thema Mens bij de kerngroep die zich bij de waterbouwers bezighoudt met de vraag: hoe zorgen we ervoor dat een carrière in de sector aantrekkelijk is en blijft voor de volgende generatie? ‘Vraag nu aan een middelbare scholier wat waterbouw is, en je wordt waarschijnlijk glazig aangekeken’, aldus Holterhues. ‘Het zal wel iets zijn met drinkwater of loodgieterij. Dat beeld willen we omvormen met deze arbeidsmarktcampagne, die hopelijk zoveel mogelijk jongeren bereikt.’

2 doelgroepen

De campagne is ontwikkeld samen met Stichting O&O-fonds WaterbouwVoor lidbedrijven is er een toolbox beschikbaar met basismateriaal, ‘waarmee de campagne zich op een eenduidige manier kan verspreiden, met ruimte voor een personal touch vanuit het eigen bedrijf’, aldus Holterhues. ‘We gaan ons in eerste instantie puur richten op die herkenbaarheid’, vult Struijk aan. ‘Het is al een hele stap vooruit als we ervoor kunnen zorgen dat meer mensen überhaupt weten wat waterbouw is.’

‘Het is al een hele stap vooruit als we ervoor kunnen zorgen dat meer mensen überhaupt weten wat waterbouw is.’

De campagne richt zich specifiek op 2 doelgroepen. Ten eerste de groep jongeren van 12 tot 16 jaar die nog een studiekeuze moet maken. Ze moeten scherper op het netvlies krijgen wat waterbouwers doen, en welk toekomstperspectief een carrière in de waterbouw biedt. De tweede doelgroep is 16 tot 20 jaar en heeft veelal een studiekeuze gemaakt, maar kan daarbinnen nog specialiseren. Denk aan studenten civiele techniek, die nog een minor richting de waterbouw kunnen kiezen.

Ouders aan boord

‘Voor beide doelgroepen geldt dat het maatschappelijke belang en de duurzaamheidsaspecten van de sector goed naar voren dienen te komen’, aldus Struijk. ‘Het gaat hier om betekenisvol werk met perspectief en goede verdiensten. Het is noodzakelijk om ook de ouders aan boord te krijgen. Zij spelen immers een grote rol in de studiekeuze van hun kind.’

‘Het gaat hier om betekenisvol werk met perspectief en goede verdiensten.

De campagne is nog niet overal uitgerold. Zo is de bijbehorende site momenteel nog niet geüpdatet. Holterhues: ‘In de aanloop naar de campagne organiseren we eerst nog allerlei inspiratiesessies, waar vooral ook de HR- en communicatieprofessionals van lidbedrijven aansluiten om mee te denken. Zij weten immers wat werkt. Hun feedback is belangrijk.’ Struijk vult aan: ‘Zodra de campagne echt begint, zou het fijn zijn als zo veel mogelijk organisaties de campagneberichten actief gaan delen.’

Beurzen, gastlessen en meer

Beiden benadrukken dat de (aankomende) campagne slechts een onderdeel is van een breder pallet aan initiatieven om als sector meer bekendheid te krijgen onder de doelgroepen. Zo is de maritieme sector in de volle breedte (maken, varen en havens) te vinden op de vier grote landelijke onderwijsbeurzen. Daarnaast is er doe-het-zelf-lesmateriaal voor scholen beschikbaar en heeft het O&O-fonds Waterbouw een ‘waterbouwambassadeur’ in dienst die zich vooral richt op het basis-, voortgezet- en MBO-onderwijs om daar uit te leggen wat er voor nodig is om met droge te voeten in ons lage land te (blijven) wonen. 

Docenten merken dat de lessen een positieve invloed op de leerlingen hebben.’

‘Net zo belangrijk zijn de gastlessen die onze lidbedrijven steeds vaker op scholen geven’, aldus Holterhues. Win-win, noemt hij dat. ‘Want niet alleen krijgen de bedrijven zo de kans om hun business te promoten. Ook doen leerlingen waardevolle inzichten op waarmee ze hun geleerde theorie aan de waterbouwpraktijk kunnen koppelen. Docenten merken dat de lessen een positieve invloed op de leerlingen hebben, omdat ze beter snappen ‘waarom ze leren wat ze leren’.’ De nieuwe arbeidsmarktcampagne zal naar verwachting begin 2026 aftrappen, en daarna minstens 3 tot 5 jaar in de lucht blijven. 

Foto’s in het artikel: van een kennisevent voor communicatieprofessionals in de branche, in aanloop naar de nieuwe campagne, met onder meer Ton Rodenburg van Clubgeist. Video hierboven uit een uitzending van Klokhuis over de waterbouwsector.

Lees ook

Ook in ‘Campagne van de week’?

Wil je jouw wervingscampagne hier ook onder de aandacht brengen? Mail dan kort wat achtergronden, doelstellingen en beeldmateriaal, en wie weet vind je hier dan straks ook jouw inspanningen terug.

Stop nu eens met denken in vacatures (werk is al lang niet meer wat het was)

Recruiters werken nog steeds met vacatureteksten, functieprofielen en cv-selectie alsof het werk van vandaag hetzelfde is als 10 jaar geleden. Maar onder de oppervlakte schuift iets dat fundamenteler is dan krapte, vergrijzing of flexibele contracten. Want het is niet het contract dat sterft, maar de functie erachter. Werk wordt anders opgebouwd, anders uitgevoerd en anders verdeeld. De vaste baan blijft als juridische vorm bestaan. Maar wat mensen daadwerkelijk doen binnen die baan, dat verandert radicaal. Werk verandert sneller dan functies kunnen volgen.

Systemen nemen steeds meer beslissingen; mensen behandelen vooral de uitzonderingen.

McKinsey toont al jaren aan dat minder dan 5% van alle beroepen volledig te automatiseren is. Dat klinkt geruststellend, maar in zo’n 60% van de beroepen kan minstens 30% van de taken worden geautomatiseerd. Dat betekent: de baan blijft, maar de kern van het werk verschuift. Routinetaken verdwijnen, beslissingen worden deels door systemen genomen en mensen behandelen vooral de uitzonderingen. Zo ontstaat de holle baan: een functie die op papier nog ‘vol’ lijkt, maar waarvan de routinetaken verdwijnen of veranderen, zonder dat de functie omschrijving meebeweegt.

Herverdelen op basis van skills

Wat betekent dit voor recruiters? Eén ding: functietitels zeggen steeds minder over wat iemand daadwerkelijk moet kunnen. De praktijk: werk wordt al herverdeeld op basis van skills. Deze verschuiving is geen theorie. Ze is al zichtbaar, in Nederland en wereldwijd. Een paar voorbeelden?

#1. Unilever – interne mobiliteit op basis van skills

Unilever ontwikkelde het FLEX Experiences-platform, waarmee medewerkers zich kunnen inschrijven op interne projecten op basis van hun vaardigheden. Tijdens de coronapandemie werden in het eerste kwartaal van 2020 al enkele duizenden medewerkers snel verplaatst naar andere activiteiten. Gedurende het jaar liep dit op tot ruim 8.000 medewerkers. Deloitte rapporteerde dat in de eerste fase meer dan 300.000 uren aan capaciteit werd herverdeeld; latere rapporten noemen zelfs meer dan 700.000 uren. De les: werk beweegt sneller dan functies, en vaardigheden bepalen de richting.

#2. Radiologie – A.I. neemt taken over én verhoogt kwaliteit

Een grote Deense studie toont dat het gebruik van A.I. in borstkankerscreening via mammografie:

  • het detectiepercentage verhoogt (van 0,70% naar 0,82%)
  • het vals-positiefpercentage reduceert van 2,39% naar 1,63% (32% reductie)
  • én de werkdruk voor radiologen verlaagt met 33,5%

Dit is geen sciencefiction: routine verdwijnt, complexe casuïstiek blijft en de baan verschuift mee.

3. ING – data- en A.I.-skills voor al het personeel

ING trainde via de Analytics Academy meer dan 50.000 medewerkers in data awareness, en certificeerde ruim 5.000 medewerkers als Analytics Sponsor, Business Translator of Data Scientist. Data en A.I. worden zo geen specialistische eilanden meer, maar onderdeel van vrijwel elke rol. De impact is groot … en ongelijk verdeeld. Het World Economic Forum verwacht een radicale verschuiving in taakverdeling richting 2030:

  • zuiver menselijk werk daalt van 48% naar 29%
  • geautomatiseerde taken groeien licht van 22% naar 26%
  • mens-machine samenwerking explodeert van 30% naar 45%

Dit is cruciaal: werk wordt niet simpelweg vervangen, maar steeds intensiever geïntegreerd met technologie. Nederland loopt hierin voorop: volgens ING Research is 43% van de Nederlandse banen A.I.-complementair, het hoogste percentage in Europa. Maar die transformatie raakt niet alle functies gelijk:

  • juniorrollen verdwijnen het snelst (administratie, basisondersteuning);
  • middensegmentrollen veranderen inhoudelijk door A.I.-samenwerking;
  • seniorrollen worden strategischer.

Dit betekent ook: de klassieke carrièreladder brokkelt af. Voor HR en recruitment wordt de vraag: welke skills hebben we nodig? En wie kan die ontwikkelen?

De nieuwe standaard: werven op skills in plaats van functietitels

In een wereld van holle banen en snel veranderende taken is het logischer om te kijken naar:

  • vaardigheden in plaats van cv’s;
  • potentieel in plaats van functiehistorie;
  • interne mobiliteit in plaats van externe instroom
  • leerbaarheid in plaats van jaren ervaring

Organisaties als Unilever, ING en Rabobank laten zien hoe snel werk opnieuw vormgegeven kan worden als je werving en mobiliteit rond skills organiseert.

Rabobank, credit

Conclusie: als werk verandert, moet werving mee veranderen

Vacatures beschrijven steeds minder wat werk daadwerkelijk is. Cv’s beschrijven steeds minder waar iemand toe in staat is. Functietitels zijn bijna waardeloos als voorspellende maatstaf. De zekerheid van de vaste baan komt niet terug. Maar er komt iets krachtigers voor terug: het vermogen om te leren, te schakelen en jezelf opnieuw uit te vinden. Recruiters die dat begrijpen, werven niet meer voor functies, maar voor vaardigheden, toekomst en groei. En blijven zo ook zichzelf relevant houden.

Over de auteur

Dit verhaal is geschreven door Data & AI Recruiter Jan van der Laan, alias The Data Father.

Is nu het definitieve bewijs geleverd dat A.I. géén banen vernietigt?

Vernietigt A.I. banen? Zitten we straks allemaal werkloos thuis? De vrees is wijd verspreid, maar de werkelijkheid lijkt toch echt een andere te zijn. A.I. vernietigt geen banen, het creëert ze juist, zo kun je in elk geval concluderen uit twee recente onderzoeken. Zo bracht investeringsbedrijf Vanguard recent zijn Outlook voor 2026 naar buiten, en daaruit concluderen ze dat ‘de angst voor automatisering de realiteit op de arbeidsmarkt overtreft. Hoewel A.I. onze werkprocessen misschien al is beginnen te veranderen, de rol ervan in het verklaren van de recente vertraging in de banengroei wordt overschat.’

Ja, specifieke beroepen hebben te maken gehad met banenverlies als gevolg van A.I.-automatisering, stellen de onderzoekers. Maar dat is nu eenmaal een ‘veelvoorkomend gevolg van technologische disruptie.’ Maar als A.I. écht wijdverspreide banenverliezen zou veroorzaken, zou dat ook zichtbaar moeten zijn in de algemene trends op de arbeidsmarkt. In plaats daarvan presteren de ongeveer 100 beroepen die het meest blootgesteld zijn aan A.I.-automatisering de afgelopen jaren juist béter dan de rest van de arbeidsmarkt wat betreft banengroei en reële loonstijgingen.

‘Onevenredige last’ 

Dit suggereert dat de huidige A.I.-systemen over het algemeen de productiviteit van werknemers verhogen en de taken van werknemers verschuiven naar activiteiten met een hogere toegevoegde waarde, aldus de onderzoekers. ‘Ondertussen weerspiegelen de uitdagingen voor starters op de arbeidsmarkt wel de onevenredige last die een arbeidsmarkt met een laag wervingspercentage kan leggen op jongere werknemers. Deze dynamiek is waarneembaar in alle beroepen, zelfs in beroepen die nauwelijks door A.I. worden beïnvloed.’ En dus daar ook niet meteen een gevolg van, zo luidt de conclusie.

‘Technologische verandering gaat historisch gezien over decennia, niet over maanden.’

Een soortgelijke conclusie valt ook te trekken uit ander recent onderzoek, van het Budget Lab van Yale University, dat eveneens laat zien dat er in de 3 jaar sinds de lancering van ChatGPT in november 2022 nog zeker géén sprake is van grootschalig banenverlies door A.I. De onderzoekers vonden bijvoorbeeld geen bewijs dat beroepen die veel met A.I. te maken hebben (high-exposure) sneller banen verliezen dan andere beroepen. Hoewel er veel angst is, noemen de onderzoekers de ‘A.I.-banen-apocalyps’ daarom vooralsnog ‘grotendeels speculatief’. ‘Technologische verandering gaat historisch gezien over decennia, niet over maanden.’

A.I. of afkoeling?

Interessante kanttekening in hun data is evenwel dat er wel een lichte verschuiving zichtbaar is bij jongvolwassenen (20-24 jaar). Dit zou kunnen wijzen op een impact op junior functies, maar het kan ook door de algemene afkoeling van de economie komen, denken de onderzoekers. Dan is A.I. soms een mooi excuus om maar niet meer in jongeren te hoeven investeren. De data laten namelijk ook zien dat er de afgelopen jaren nauwelijks verandering is in de aandelen van beroepen die veel of weinig staan blootgesteld aan automatisering en A.I. Dus waarom zou dat ineens betekenen dat A.I. banen vernietigt?

‘Sinds de komst van ChatGPT wordt de arbeidsmarkt over het algemeen eerder gekenmerkt door stabiliteit dan door ontwrichting’, aldus de onderzoekers. ‘Ondanks de vrees voor een dreigende apocalyps, vertoont de arbeidsmarkt over het algemeen meer continuïteit dan een onmiddellijke ineenstorting. Het percentage werknemers in functies met een hoge, gemiddelde en lage blootstelling aan A.I. bleef opmerkelijk stabiel. Net zo hebben we onderzocht of werknemers die door A.I. hun baan kwijtraakten, zichtbaar zijn in de werkloosheidsstatistieken. We vonden echter geen patroon van toenemende blootstelling aan A.I. onder werklozen.’

Huis (niet) in brand

De slechtere arbeidsmarkt die vooral jongeren nu treft? Het zou te simpel zijn om dat volledig aan A.I. toe te schrijven, concluderen de onderzoekers dan ook. Het zou best kunnen dat in sommige beroepen dat inderdaad het geval zou zijn. Maar over de hele linie is dat niet zo, durven ze wel te stellen. ‘Onze methodologie mist misschien het equivalent van een klein brandje op het fornuis op de arbeidsmarkt, maar zou duidelijk detecteren als het huis in brand staat.’ En ook, stellen ze: ‘De impact van generatieve A.I. op de werkvloer is vergelijkbaar met eerdere technologische verschuivingen.’

‘De impact van generatieve A.I. op de werkvloer is vergelijkbaar met eerdere technologische verschuivingen.’

Deze patronen zullen ‘wellicht verrassend zijn voor degenen die snelle arbeidsverdringing door A.I. verwachten’, zeggen ze begripvol. ‘Maar hoewel de resultaten de meest alarmerende krantenkoppen tegenspreken, zijn ze wel opvallend consistent met eerdere voorbeelden. Zelfs transformatieve technologieën zoals de computer en het internet hadden decennia nodig, en niet slechts enkele maanden, voordat hun impact zich volledig manifesteerde op de werkvloer. Dat komt doordat adoptie van technologie aanvullende investeringen, culturele veranderingen en regelgeving vereist.’ En hoewel de beginfase van A.I. íetsjes sneller gaat, lijkt het daar ook op.

Alomtegenwoordigheid

Waarom vóélt het bij veel mensen nu dan toch anders? Dat heeft met gemak en ‘alomtegenwoordigheid’ van generatieve A.I. te maken, stellen ze. ‘Op het eerste gezicht lijkt deze A.I. beter gepositioneerd voor snellere verspreiding op de werkvloer dan eerdere technologieën. In tegenstelling tot de geleidelijke verspreiding van computers, voelt de toegang tot ChatGPT en modellen als Google Gemini, Microsoft Copilot en Anthropic’s Claude direct aan, meer vergelijkbaar met sociale media. De implementatie kent veel minder obstakels: geen dure hardware, geen bekabeling en voor sommige gebruikers zelfs helemaal geen kosten.’

Mensen gebruiken A.I. wel, maar het maakt nog nauwelijks beroepen overbodig.

Gebruikers hebben vaak direct toegang tot nieuwe generatieve A.I.-functionaliteiten zodra ze beschikbaar komen. ‘Alsof ze een lichtschakelaar omzetten.’ Dat leidt er volgens de onderzoekers toe dat in de praktijk opvallende verschillen ontstaan tussen waar A.I. nuttig zou kúnnen zijn (blootstelling) en waar het daadwerkelijk wordt gebruikt. ‘Recente gebruiksgegevens van ChatGPT laten ook een beeld zien van achterblijvende en leidende sectoren, met informatietechnologie aan de top en een ongelijkmatig gebruik in andere sectoren.’ Onder meer regulering speelt daarbij volgens de onderzoekers een belangrijke rol.

Waakzaamheid

‘De toekomstige gevolgen voor de arbeidsmarkt kunnen niet alleen voortkomen uit bredere implementatie, maar ook uit verschillende vormen van implementatie’, stellen ze. ‘De eerste, gemakkelijk te behalen resultaten van chatbotgebruik, zoals blijkt uit de huidige data, vormen mogelijk niet het grootste risico voor banen. Sterker nog, veel van dit chatbotgebruik zal eerder gericht zijn op het verbeteren van taken dan op automatisering, waarbij werknemers chatbots gebruiken om hun efficiëntie en prestaties te verbeteren, en waarbij banen niet verdwijnen.’ Zoals ook zelfs tekstschrijvers nu weer een comeback in populariteit lijken te maken.

‘De eerste resultaten van chatbotgebruik vormen niet het grootste risico voor banen.’

Een beetje ChatGPT gebruiken bij je werk, daar word je niet meteen overbodig van, lijken de resultaten dus te suggereren. ‘De grootste risico’s komen niet voort uit chatbots die taken versnellen, maar uit bedrijven die complete workflows herontwerpen om deze te automatiseren.’ Het is echter nog te vroeg om te weten hoe ontwrichtend dit zal zijn, stellen ze, of in welk tempo dit gaat gebeuren. ‘Zonder heldere, tijdige analyses lopen we het risico zowel te overreageren op ingebeelde crises als te onderreageren op daadwerkelijke ontwrichtingen.’ De toekomst vereist dus nog wel steeds een flinke portie waakzaamheid, waarschuwen ze.

Lees ook

 

Deze 3 bedrijven weten hoe het is om op te vallen in een krappe arbeidsmarkt

Als je talent wilt aantrekken, kun je niet meer om employer branding heen. Maar dat begrip komt in vele soorten en maten. Deze 3 bedrijven hebben elk hun eigen aanpak, maar wisten daarmee wel recent wat media-aandacht binnen te halen. Wat kunnen andere organisaties daarvan leren?

#1. Alpina Group: zonder opsmuk

Een vacature zetten is tegenwoordig niet meer genoeg, aldus Sonja Stalfoort, directeur Marketing & Communicatie bij de Alpina Group, top-3-speler in het financieel intermediaire landschap, met zo’n 3.000 aangesloten financieel adviseurs. ‘Employer branding is een vanzelfsprekend onderdeel van hoe we werken en wie we zijn’, vertelde ze recent tegen AMweb. ‘In aansluiting op onze corporate branding hebben we een eigen aanpak ontwikkeld die onze cultuur en manier van samenwerken weerspiegelt. […] Bewust zonder veel opsmuk: onze cultuur spreekt voor zich en dat maakt ons herkenbaar en geloofwaardig.’

Bij Alpina wordt employer branding niet specifiek als strategie toegepast, vertelt ze. ‘Maar we werken er wel degelijk gestructureerd aan. We bouwen onze zichtbaarheid stap voor stap uit, passen accenten aan op basis van nieuwe inzichten en geven medewerkers de ruimte om authentiek het verhaal van ons bedrijf uit te dragen.’ En dat dan vooral lokaal georiënteerd. ‘Onze locaties en teams zijn het gezicht naar de markt en naar potentiële medewerkers. Dat onderscheidt ons in de branche en zorgt ervoor dat we talent aantrekken dat anders buiten bereik zou blijven.’

#2. Social Deal: eigen playbook

In 2010 richtten Bart Oosterholt en Rens van den Berg Social Deal op om klanten onvergetelijke ervaringen aan te bieden tegen een aantrekkelijke prijs. Nu heeft de organisatie 300 medewerkers en meer dan 60 miljoen verkochte deals op de teller. Achter die groei schuilt een fundamenteel besef: zonder betrokken medewerkers lukt het niet. ‘Je moet intern waarmaken wat je extern belooft’, zegt Oosterholt in een interview met Adformatie. ‘Als wij klanten onvergetelijke momenten bieden, moeten onze medewerkers diezelfde energie, creativiteit en warmte binnen het bedrijf ervaren. Alleen dan kunnen zij echt ambassadeurs van ons verhaal zijn.’

Om de externe merkbelofte van making memories that last a lifetime in de bedrijfscultuur te verankeren, ontwikkelde IDEA-bureau THG Creative Agency het interne The Dealmakers Playbook (zie foto boven). Gedurende een jaar creëerde THG via live-experiences en digitale communicatiemiddelen een omgeving waarin medewerkers konden groeien, verbinden en plezier beleven. Van koffiedates, workshops en coaching tot wijnproeverijen, sportcompetities en live kwartaalupdates. Employer engagement on steroids’, aldus Oosterholt.

‘Onze reis naar Kroatië zorgde voor een verdrievoudiging van het aantal sollicitaties in 3 maanden.’

Hoogtepunt was een 4-daagse SAIL-reis naar Kroatië voor alle medewerkers. Door de massale socialmedia-shares van voor, tijdens en na die reis groeide de aantrekkingskracht van Social Deal enorm. ‘Het zorgde voor een verdrievoudiging van het aantal sollicitaties in 3 maanden’, zegt Oosterholt. Met een mediabereik ter waarde van 125.000 euro had The Dealmakers Playbook een positieve impact op het werkgeversmerk. Zo steeg de gemiddelde diensttijd van medewerkers van 24 naar 33 maanden, wat de onboardingkosten van nieuwe medewerkers aanzienlijk verlaagde, vertelt Oosterholt verder.

#3. De Politie: Operatie 1337

De Politie is natuurlijk al langer een bekende als het om employer branding gaat. Recent zette de organisatie een nieuwe stap hierin, met Operatie 1337, een gratis online game in 4 episodes die spelers laat ervaren hoe het is om te werken aan complexe cybercrimemissies. Met de game met realistische opdrachten – variërend van data-analyse tot ransomware en legal hacking – wil de organisatie technisch talent interesseren voor teams als Team High Tech Crime (THTC) en het Digital Intrusion Team (Digit), waar de vraag naar cyberspecialisten snel groeit.

Volgens de politie sluit de game aan op eerdere campagne-inzichten, waarin inhoud van het werk, innovatie en maatschappelijke impact belangrijke overstapmotieven bleken. De game is ontwikkeld door Robot Kittens, in nauwe afstemming met Tweakers Partners, THTC en Digit. Een logische keuze, aldus Milan van Vugt, Head of Content & Partnerships bij Initiative, tegen MarketingTribune. ‘In de driehoek politie, Tweakers en Initiative hebben we al vaker succesvol samengewerkt, maar met Operatie 1337 hebben we die eerdere samenwerkingen écht overtroffen.’

Lees ook

Doe mee

Hoe ver staat jouw organisatie al met zijn arbeidsmarktcommunicatie en employer branding? De Stand van Werven, het jaarlijkse onderzoek naar de prioriteiten van professionals in recruitment en arbeidsmarktcommunicatie, schijnt er licht op, en is nog in te vullen tot begin januari 2026. Daarna zullen via deze site ook veel meer resultaten van dit onderzoek bekend worden gemaakt.

Doe nu mee

Maarten Brand: ‘A.I. legt vooral bloot waar veel organisaties al onzeker over waren’

Maarten Brand is al 25 jaar werkzaam in het snijvlak van onderwijs en arbeidsmarkt. Hij ziet van dichtbij hoe stageplekken schaarser worden, jongeren onzeker raken over hun plek op de arbeidsmarkt en bedrijven zoekend zijn naar hun rol. ‘Je ziet het ook in de cijfers‘, zegt Brand. ‘Het aantal jongeren in mbo en hbo loopt terug. En binnen die kleinere groep kiezen steeds minder studenten voor sectoren waar de tekorten juist het grootst zijn: techniek, zorg, bouw. Die assen lopen simpelweg niet gelijk.’

‘De jeugdwerkloosheid stijgt nu ook voor het eerst weer.’

Sommige opleidingen trekken nog volle klassen, andere zijn zichtbaar aan het leeglopen. ‘Er zijn opleidingen waarbij je bijna moet hoesten en je hebt al een baan, zoals in de techniek op niveau 4’, zegt hij. ‘Maar op lager mbo-niveau zie je juist problemen. En in sectoren waar bedrijven zelf onzeker zijn over hun toekomst, zakken de stageplekken weg. Dat is nieuw. Je ziet het nu ook terug in de jeugdwerkloosheid die voor het eerst weer stijgt.’

Het spook onder het bed

Brand ziet hoe A.I.-discussies deze ontwikkeling nog eens versterken, vaak zonder dat organisaties het zelf goed doorhebben. ‘A.I. is voor veel bedrijven een spook onder het bed’, zegt hij. ‘Als je maar vaak genoeg hoort dat A.I. banen gaat vervangen, dan ga je ernaar handelen. Ook als het feitelijk nog helemaal niet gebeurt. Bedrijven denken: A.I. gaat starterswerk overnemen, dus laten we nu maar geen starters aannemen. Dat idee leidt dan al tot minder instroom, of het nu terecht is of niet.’

‘Daarbij versterkt het de onzekerheid die al in het systeem zit. Bedrijven twijfelen over A.I. en jongeren voelen dat. Dat zie je vervolgens concreet terug: startersfuncties die preventief worden geschrapt, afwijzingen zonder duidelijke reden, teams die klussen bij zichzelf houden ‘omdat A.I. het straks toch doet’, en sollicitatiegesprekken waarin jongeren vooral moeten bewijzen dat ze wél relevant blijven.’

‘In sollicitatiegesprekken moeten jongeren nu vooral bewijzen dat ze wél relevant blijven.’

Tegelijkertijd ziet hij dat jongeren het onderwerp soms met dezelfde dubbelheid benaderen: nieuwsgierig, vaardig, maar ook bezorgd. Uit onderzoeken blijkt dat veel jongeren verwachten dat zij moeten omscholen of zelfs van carrière moeten switchen. ‘Begrijpelijk’, stelt Brand. ‘Ze horen dat startersfuncties verdwijnen, zien cijfers over jeugdwerkloosheid, en vragen zich af of er straks nog plek voor hen is. Dat doet iets met hun zelfvertrouwen. Ze zijn niet bang voor A.I., maar eerder dat er straks geen plek is voor hen om ermee te leren werken. Die onzekerheid raakt hun zelfvertrouwen nog voor ze überhaupt een carrière kunnen beginnen.’

De brug breekt af

Het grootste risico dat hij ziet, is niet zozeer dat A,I, banen overneemt, maar dat het leerpad naar die banen onder druk komt te staan. ‘Seniorfuncties blijven bestaan. Maar hoe word je senior als het werk dat je vroeger als junior deed nu niet meer beschikbaar is? Je krijgt een gat tussen laag- en hooggeschoolde functies. Die brug moet je bouwen door ervaring op te doen, maar als die brug smaller wordt, vallen jongeren eraf voordat ze de oversteek kunnen maken.’

Het is volgens hem nog te vroeg om te zeggen hoe dit zich ontwikkelt. ‘Het kan ook dat de A.I.-hype over een paar jaar afneemt. Maar één ding weet ik zeker: je wordt niet vervangen door A.I., je wordt vervangen door iemand die beter met A.I. kan omgaan. Dat vraagt dus vooral om wendbaarheid.’

Onderwijs beweegt te langzaam

Het onderwijs heeft een groot aandeel in een goede overgang tussen school en werk, benadrukt Brand. Kwalificatiedossiers doen er 3 tot 4 jaar over om te worden aangepast, terwijl sectoren veel sneller veranderen. Daardoor lopen school en praktijk steeds vaker uiteen. ‘Neem de autotechniek’, zegt hij. ‘De elektrificatie van auto’s verandert het werk ingrijpend. Maar wat studenten op school leren, loopt achter op wat ze in de werkplaats moeten kunnen. En dan krijgt de school de schuld, of het bedrijf. Terwijl het systeem simpelweg niet wendbaar genoeg is.’

‘Het systeem is vaak simpelweg niet wendbaar genoeg.’

Ook het hbo sluit volgens hem niet altijd meer aan op het werkende leven. ‘Het heeft de afgelopen decennia te veel naar de universiteit gekeken en te weinig naar het mbo. Daardoor zijn er opleidingen ontstaan die populair zijn, maar niet per se passen bij wat Nederland nodig heeft. Neem communicatie of rechten: prima opleidingen, maar de vraag is of we er zó veel van nodig hebben, zeker nu A.I. juist veel van dat werk kan automatiseren.’

Je bedrijf = je mensen

Ondanks de onzekerheid is Brand ervan overtuigd dat bedrijven er verkeerd aan doen om starters buiten de deur te houden. ‘Je bedrijf is je mensen’, zegt hij. ‘Als je denkt dat A.I. die gaat vervangen, leef je in een illusie.’

‘Jongeren zijn vaak early adopters. Dat is precies wat bedrijven nodig hebben.’

Hij pleit ervoor om jongeren juist te betrekken bij de technologische veranderingen. Stages en leerwerkplekken worden daarom belangrijker dan ooit. ‘Jongeren zijn vaak early adopters. Dat is precies wat bedrijven nodig hebben.’ Niet junioren die alleen uitvoerend werk doen, maar mensen die kunnen meebewegen, vragen stellen, nieuwsgierig zijn en snappen wat A.I. wel en niet kan. Senioren brengen ondertussen iets anders: ervaring, context, vakmanschap, zegt hij. ‘Je hebt die mix nodig. Dat is de kern van A.I.-vaardige teams: nieuwsgierigheid én ervaring bij elkaar. Als je de instroom weglaat, haal je 1 van die 2 pilaren onderuit.’

Wat Brand vooral belangrijk vindt: leer jongeren omgaan met de technologie en met de ethiek eromheen. ‘Jongeren moeten begrijpen hoe je een prompt schrijft, maar nog belangrijker is de beoordeling van wat A.I. je voorschotelt. Snapt iemand waarom een tekst onjuist is? Kan iemand inschatten wat de gevolgen zijn?’

Generaties hebben elkaar nodig

In zijn adviespraktijk ziet Brand hoe generaties elkaar soms misverstaan. Jongeren worden gezien als moeilijk, veeleisend of vooral geïnteresseerd in thuiswerken. Dat beeld klopt volgens hem maar deels. ‘Jongeren willen best hard werken’, zegt hij. ‘Ze weten alleen niet altijd hoe het moet. En we mogen niet vergeten dat we hen zelf hebben opgevoed om kritisch mee te denken. Dan kunnen we niet verwachten dat ze in organisaties ineens overal ‘ja en amen’ op zeggen.’ Hij ziet in die tegenstelling juist een mooie kans. ‘Jongeren zijn cultuurveranderaars. Ze brengen een update mee. Maar als je ze in een bedrijf stopt dat cultureel nog op Windows 95 draait, dan draaien ze zelf binnen een jaar ook op Windows 95.’

‘Als je ze in een bedrijf stopt dat cultureel nog op Windows 95 draait, draaien ze zelf binnen een jaar ook op Windows 95.’

Brand ziet grote kansen, maar ook de stappen die nog moeten worden gezet. In het onderwijs, in organisaties en in beleid. ‘We moeten de manier waarop werk, leren en opleiding georganiseerd zijn opnieuw durven ontwerpen’, zegt hij. ‘Als het werk verandert, moet onderwijs en beleid mee veranderen.’ Hij adviseert organisaties dan ook om te investeren in jonge mensen. ‘Zie hen niet als kostenpost maar als fundament, en wees duidelijk over wat je van hen verwacht. Je krijgt er creativiteit, energie en nieuwe denkwijzen voor terug. Maar alleen als je de brug naar die toekomst niet afbreekt voordat ze hem kunnen oversteken.’

Meer weten?

Op 27 januari 2026 leer je in Rotterdam van experts Laura Bas, dataspecialist Sabine Veldkamp en een nog ‘geheime’ werkgever die uitblinkt in young professionals, alles over hoe je Gen Z bereikt via authentieke verhalen en short video’s. 

GenZspiratie

 

Over de universele humor van het klassieke ‘I’d like to add you to my professional network…’

I’d like to add you to my professional network. Het was jarenlang de standaardzin die je kreeg voorgeschoteld als mensen niet de moeite hadden genomen om een persoonlijke boodschap toe te voegen aan een connectieverzoek bij LinkedIn. Inmiddels is die zin als officiële suggestie verdwenen, en laat LinkedIn het invulveld alweer een hele tijd gewoon default leeg, tenzij je zelf iets invult. Maar de zin leeft desondanks voort in de memosphere van het internet, waar blijkt dat de toepasbaarheid van de zin schier oneindig is.

Zo ontdekte designer Frank Chimero bijvoorbeeld al vrij snel dat je eigenlijk elke cartoon in The New Yorker wel van dit onderschrift zou kunnen voorzien, en dat het dan nog steeds grappig zou blijven (waar The Atlantic vervolgens ook weer hilarisch over berichtte). Maar ook op Reddit deed de zin het een tijdje goed als bijschrift bij enkele min of meer bizarre foto’s.

En op Twitter bleken ze het effect van de zin soms ook verbluffend goed te begrijpen.

Comeback

De oorzaak is een beetje onduidelijk en onverklaarbaar, zoals dat wel vaker gaat met internethypes. Maar op een of andere manier leek de caption deze week op Bluesky ineens een heuse comeback te maken.

Klassieke filmscènes krijgen er ineens een heel andere lading door.

Of deze:

En deze:

En ja, dan blijkt de zin inderdaad ook echt een behoorlijk universele binnenkomer (en bron van humor) te kunnen zijn, die van toepassing kan zijn bij nagenoeg elke foto.

Ook in Nederland

Ook in Nederland is de ironische humor ervan inmiddels behoorlijk ontdekt.

Waarbij bijvoorbeeld ook de bekende arbeidsmarkteconoom Ronald Dekker een duit in het zakje deed.

En anderen scherp laten zien dat die ene zin niet altijd neutraal is, maar ook meteen kan worden opgevat als maatschappelijk commentaar.

Zo zie je maar weer: je kunt wel proberen je verleden uit te wissen. Maar als ‘professioneel netwerk’-platform zou je toch moeten weten dat dat zo makkelijk heus niet gaat. Het internet vergeet immers zelden iets. Al komt zelfs op LinkedIn zelf de beroemde zin nog wel eens terug, zij het dan weer in de vorm van andere klassieke memes…

Toevoegingen welkom!

Lees ook

Wat kunnen we leren van de Britse National Hiring Strategy?

Is beter recruitment een zaak van nationaal belang? Bij onze buren in het Verenigd Koninkrijk wordt er niet over getwijfeld. ‘Er is geen grotere impuls voor de nationale productiviteit dan het verbeteren van werving en selectie’, aldus bijvoorbeeld Viscount Camrose, lid van de House of Lords.

‘Door beter recruitment zouden we 40 miljard pond per jaar aan waarde voor onze economie kunnen genereren.’

Zijn collega Kulveer Ranger vult hem aan: ‘Slechte wervingsbeslissingen kosten ons naar schatting 14,4 miljard pond per jaar. Werkloosheid kost nog eens 61 miljard pond, en inefficiënte werving en onvervulde vacatures kosten bijna 150 miljoen pond. Door simpelweg de time-to-hire te halveren, de resultaten te verbeteren en het wervingsproces inclusiever te maken, zouden we 40 miljard pond per jaar aan waarde voor onze economie kunnen genereren.’

Beeld van de lancering van de National Hiring Strategy.
Beeld van de lancering van de National Hiring Strategy.

Het belang van beter recruitment, erkend tot op het hoogste niveau mogelijk, kom daar maar eens om in Nederland, waar de arbeidsmarkt zelden onderwerp is van het politieke debat. Maar in het Verenigd Koninkrijk is dat dus wel het geval. Mede te danken aan het Better Hiring Institute, dat tijdens de coronacrisis is opgericht, nauw samenwerkt met de overheid en als missie heeft werving en selectie ‘fairer, faster and safer’ te maken. Iets wat recent resulteerde in de officiële lancering van een zogeheten National Hiring Strategy, een breed gesteunde en alomvattende set met aanbevelingen om het recruitmentproces over het hele land te verbeteren.

Verbetering hard nodig

En dat is hard nodig, stelt het document. Om dat te onderstrepen heeft het een hele reeks cijfers erin opgenomen waarmee duidelijk wordt dat het huidige proces kapot is, en snel verbetering behoeft. Daarvan hier een kleine selectie:

  • 75% van de cv’s wordt afgewezen door ATS-systemen voordat een mens ze ooit ziet.
  • Dat komt jaarlijks neer op 100 miljoen ongeziene afgewezen sollicitaties.
  • Jaarlijks gaat 132,6 miljoen pond (ruim 150 miljoen euro) aan productiviteit verloren door inefficiënte wervingsprocessen en onvervulde vacatures bij grote Britse bedrijven.
  • Dit omvat 90,2 miljoen pond aan onvervulde functies die gemiddeld 6 werkweken onvervuld blijven,
  • en 42,5 miljoen pond aan inefficiënte wervingsprocessen (zoals te complexe of trage workflows).

Hoog verloop

  • Huidige schattingen geven aan dat 41% hun nieuwe baan binnen de eerste 12 weken verlaat, wat overeenkomt met 1,2 miljoen mensen per jaar.
  • Volgens het CIPD bedragen de kosten van 1 slechte aanwerving 12.000 pond (wat betekent dat dit het VK in totaal elk jaar 14,4 miljard pond kost).

27% van de werkgevers meldt dat sollicitanten niet op hun eerste werkdag verschijnen.

  • Slechte geestelijke gezondheid kost de Britse economie jaarlijks ongeveer 102 miljard pond, volgens AXA UK, waarvan 26 miljard pond verloren gaat door ziekteverzuim, 57,4 miljard pond door productiviteitsverlies, en 18 miljard pond door werknemers die hun baan verlaten.
  • Door een nieuw wervingssysteem te creëren gebaseerd op een betere afstemming van banen en inclusie zou het mogelijk zijn om het aantal mensen in de werkzame leeftijd dat een uitkering ontvangt te verminderen tot 7,5 miljoen. Als het mogelijk zou zijn dit met 10% te verminderen, zou dat een besparing opleveren van ongeveer 5 miljard pond per jaar.

Lange time-to-hire

  • Volgens KPMG duurt het 75 tot 131 dagen om iemand aan te nemen bij de NHS, het Britse zorgstelsel. Het gemiddelde in heel het VK zou zo’n 40 dagen zijn. Rekening houdend met de nieuwste sociale en technologische trends, zoals het gebruik van smartphones en digital wallets, zou dit volgens de National Hiring Strategy met een derde verkort kunnen worden.
  • Maar liefst 27% van de werkgevers meldt dat succesvolle sollicitanten niet op hun eerste werkdag verschijnen, 46% van de nieuwe werknemers faalt binnen 18 maanden en slechts 19% wordt als echt succesvol beschouwd.

64% van de kandidaten raakt gefrustreerd door het steeds opnieuw moeten invoeren van cv-gegevens.

  • 64% van de kandidaten raakt gefrustreerd door het steeds opnieuw moeten invoeren van cv-gegevens.
  • 78% van de werkzoekenden trekt zich terug uit het sollicitatieproces vanwege lange of complexe wervingsprocedures. Volgens TribePad zijn er 48,7 sollicitaties per vacature en beginnen 3 miljoen mensen per jaar aan een nieuwe baan. Dit betekent dat er bijna 150 miljoen sollicitaties per jaar zouden zijn, waarvan maar liefst 114 miljoen mensen zich dus terugtrekken tijdens het sollicitatieproces.
  • Uit ditzelfde onderzoek blijkt dat werkzoekenden het minst tevreden zijn over: de tijd die nodig is om de sollicitatie in te dienen (56%), registratie om te kunnen solliciteren (50%), geen reactie van de werkgever (49%), lid worden van een talentennetwerk om te kunnen solliciteren (41%), en het ontvangen van generieke, geautomatiseerde bevestigingsmails (39%).

Verre van optimaal

het belang van een beter recruitmentproces is met deze cijfers dus duidelijk. ‘Het aannemen van personeel is niet alleen traag en inefficiënt, maar onderzoek wijst er ook op dat het verre van optimaal is voor de mensen die het proces doorlopen’, aldus de initiatiefnemers, die met de National Hiring Strategy onder meer zich ten doel hebben gesteld ‘een ​​modernere, efficiëntere en meer geschikte vervanging voor het cv te vinden.’

‘Personeel aannemen is traag en inefficiënt, en verre van optimaal voor de mensen die het proces doorlopen.’

Ook het huidige en in het VK nog zeer gebruikelijke systeem van referentiechecks is hen een doorn in het oog. ‘Tijdrovend en ineffectief’, noemen ze dat, met verwijzing naar onderzoek waaruit blijkt dat slechts 61% van de aanvragen werd teruggestuurd, ‘waarvan 31% discrepanties bevatte en nog eens moest worden gecontroleerd.’ De lancering van de National Hiring Strategy ging niet voor niets ook samen met de gelijktijdige lancering van een nieuwe Hiring Fraud Guide, bedoeld om het groeiende probleem van fraude in het recruitmentproces onder de knie te krijgen.

Routekaart

De National Hiring Strategy is bedoeld om het VK wereldwijd ‘het snelste, eerlijkste en veiligst mogelijke’ recruitmentproces te bieden, zoals Keith Rosser, voorzitter van het Better Hiring Institute het uitlegde. Dat zou niet alleen vaker ‘de juiste mensen op de juiste plek krijgen’, aldus Viscount Camrose, maar ook ‘zelfs meer van zulke plekken creëren’. Een uitgebreide routekaart schetst daarvoor het uitgestippelde pad, waarvoor de Britten overigens ook een uitgebreide rol voor technologie inruimen, maar tegelijk ook het belang van de menselijke recruiter onderstrepen.

Zoals Rosser (rechts op de foto) het uitdrukte: ‘Er worden jaarlijks 150 miljoen sollicitaties verstuurd – dat zijn er 6.000 elke 10 minuten. Toch trekt 78% van de sollicitanten zich op een gegeven moment terug; 27% van de nieuwe werknemers komt niet eens opdagen op hun eerste werkdag en meer dan 40% van de nieuwe werknemers vertrekt binnen de eerste 12 weken. Dat laat zien: het wervingsproces is kapot. Stel je eens voor hoeveel voordelen we allemaal zouden hebben als we de tijd voor een aanname konden halveren, en de match tussen kandidaat en werkgever veel beter zouden zijn.’

‘Dit is nog nooit zo urgent geweest.’

We staan ​​op een kruispunt, zei Rosser ook bij de lancering. ‘We kunnen ervoor kiezen om nieuwe technologie zoals A.I. te gebruiken als snelle oplossing voor een gebrekkig systeem, of we kunnen dit moment aangrijpen om de manier waarop het VK personeel aanneemt opnieuw vorm te geven, en een proces te creëren dat sneller, eerlijker en echt toekomstbestendig is. Dit is nog nooit zo urgent geweest. Met een stijgende werkloosheid, een laag aantal vacatures en een stagnerende productiviteit heeft onze arbeidsmarkt een gedurfde hervorming nodig – geen kleine aanpassingen.’

Lees ook

 

Waarom traditionele jobboards het meest te vrezen hebben van… de kandidaat

De toekomst van de traditionele jobboards? Die ziet er somber uit, schetste Geert-Jan Waasdorp onlangs al. Tegen 2030 is 90% verdwenen, zei de directeur van Intelligence Group te verwachten. Misschien een boude stelling, maar in de praktijk zijn er signalen te zien die wel die kant op wijzen. Twee overnames deze maand spreken wat dat betreft boekdelen, schetste ook Chris Russell op zijn bekende site Jobboard Secrets. En het is vooral de consument dan wel kandidaat die daarbij volgens hem het verschil maakt. Waarbij die kandidaten bovendien steeds vaker A.I. in hun voordeel weten in te zetten.

De eerste overname waar het om gaat is die van carrièreplatform Teal, dat op 11 december aankondigde Ramped Careers over te nemen. Hiermee kan Teal, dat zich richt op kandidaten, de Autopilot-technologie van Ramped Careers integreren, waarmee het sollicitatieproces te automatiseren is. Met de A.I. van Ramped kan dde kandidaat nu makkelijk cv’s en sollicitatiebrieven afstemmen ​​op specifieke functies en vervolgens de sollicitaties namens de kandidaat insturen. Dit transformeert de zoektocht naar een baan van een handmatig ‘zoeken en klikken’-proces naar een volledig beheerde workflow. Een kind kan de was doen.

‘TikTokisering’

De tweede overname die Russell in dit kader van belang acht is die van Beginly Health, ‘your personalized clinician job matching platform‘ (foto boven), dat op 10 december de overname bekend maakte van ProviderJobs.com, een app voor het vinden van vacatures met video’s als uitgangspunt. En dat in een vrij traditionele sector als de zorg. De app wil met de video’s artsen makkelijker kunnen verbinden met ziekenhuizen en praktijken, wat Russell ook wel de ‘TikTokisering’ van recruitment noemt. Lange vacatureteksten lezen hoeft niet meer, artsen kunnen gewoon door korte video’s scrollen om een beeld te krijgen van de functies.

‘Statische tekst verliest snel terrein aan video en interactieve elementen.’

Volgens Russell duidt het op ‘het grotere plaatje’ dat ‘consumentgerichte platforms aan populariteit winnen’. Waar de e-commerce zich ook al lang niet meer alleen bedient van droge beschrijvingen van producten, en bijvoorbeeld vergelijkingen steeds makkelijker worden, zal dit ook naar de wereld van recruitment oversteken, verwacht hij. ‘De stap van Beginly Health laat zien dat recruitment steeds meer een contentspel wordt, waarbij het trekken van aandacht net zo belangrijk is als de functiebeschrijving zelf. Betrokkenheid is goud waard: statische tekst verliest snel terrein aan video en interactieve elementen.’

Boodschap duidelijk

Nu 2025 ten einde loopt, is de boodschap aan de markt volgens Russell duidelijk: werkzoekenden willen niet steeds weer hun gegevens hoeven in te voeren. De platforms die werkzoekenden behandelen als moderne consumenten – met snelheid, automatisering en een boeiende gebruikerservaring – zijn de koplopers van morgen. ‘Dit is echt de volgende generatie van vacature-ontdekking en ik verwacht op korte termijn meer van dit soort deals’, zegt hij. ‘De markt trekt niet alleen aan, maar verandert ook fundamenteel van focus. De statische vacaturesites maken plaats voor meer geautomatiseerde en gebruiksvriendelijke alternatieven.’

Elke drempel wordt er voor kandidaten één te veel.

Inloggen of een account aanmaken om te mogen solliciteren? Elke drempel wordt er voor kandidaten één te veel, net zoals in de e-commerce ook die bedrijven winnen die de customer journey tot in de finesses beheersen. Van veel voormalige ‘Tinders voor de arbeidsmarkt‘ hebben we weliswaar na lancering weinig meer gehoord, maar de tijden zijn nu wel veranderd, schetst Russell: zelfs in sectoren met hoge inzet, zoals de gezondheidszorg, verschuift de gebruikerservaring naar de snelle, visuele consumptiegewoonten die zijn ontstaan ​​door sociale media. En traditionele jobboards moeten daarop nog steeds een antwoord verzinnen.

Meer bedreigingen

Daar komen overigens ook nog wel wat bedreigingen bij. Wat te denken van het meer skills- en projectgericht inrichten van de arbeidsmarkt, waarbij het hele bestaan van de traditionele vacature ter discussie staat? Er zijn gig-platforms die veel beter bij die ontwikkeling lijken aan te sluiten, waar vraag en aanbod ook bijna volledig automatisch bij elkaar komen. Of wat te denken van het feit dat maar liefst 85% van alle vacatures zelfs überhaupt nooit online verschijnt, maar intern of via referral wordt ingevuld? Of dat passieve kandidaten naar schatting zo’n 80% uitmaken van het personeelsbestand, maar dus nóóit op vacaturesites komen?

Als je wervingsstrategie voor jong talent nog steeds zwaar leunt op vacaturesites, is de kans sowieso groot dat je een belangrijk deel van de doelgroep niet bereikt, blijkt uit de arbeidsmarkttrendsessies voor starters en campusrecruitment die Intelligence Group meermaals organiseert. Slechts een klein deel van studenten en starters vindt een baan via een vacaturesite, blijkt uit hun cijfers. Het persoonlijke netwerk is vaak veel effectiever in de zoektocht naar werk, met op de tweede plaats: stage- en afstudeerplekken.

Arbeidsmarktsessie

De opkomst van A.I.-agents zorgt voor een ander speelveld.

En ook de opkomst van A.I.-agents zorgt voor een ander speelveld: steeds meer slimme kandidaten vragen gewoon aan een LLM om voor hen op zoek te gaan naar passende vacatures, om daar vervolgens hun volledig automatisch gegenereerde cv en motivatiebrief heen te sturen. Die LLM’s komen waarschijnlijk niet eens meer op de jobboards terecht, maar halen die vacatures bij de bron: de bedrijven zelf. Tools als LazyApply, BulkApply, ApplyGenie en AiApply helpen daar al steeds meer werkzoekenden bij, en kunnen soms bijvoorbeeld ook uitrekenen hoe groot de kans is dat een sollicitatie tot een uitnodiging leidt.

Een uitverkooprek

Het kost niet heel veel voorstellingsvermogen om te bedenken dat het in dat landschap moeilijk wordt voor jobboards die het vooral moeten hebben van post&pray. Wat dat betreft was de teloorgang van Monster(board) dit jaar natuurlijk ook een teken aan de wand. En is de voorspelling van Waasdorp misschien nog niet eens zo gedurfd. Hij is in elk geval bepaald niet de enige die de spoedige dood van de jobboards aankondigt. Zoals Asendia-mede-oprichter Badis Zormati, die stelt dat jobboards alleen maar ruis, frustratie en verloren tijd opleveren, aan beide kanten van het recruitmentproces.

Post & pray? Het is maar duur en inefficiënt.’

Post & pray? Het is maar duur en inefficiënt, aldus Zormati. ‘Vacaturesites zijn geoptimaliseerd voor volume – niet voor de juiste kandidaat. Ze leveren geen pijplijn, maar een uitverkooprek. Het ziet er vol uit, maar er is niets wat je daadwerkelijk zou kopen. En hoewel vacaturesites 20 jaar geleden een zinvolle innovatie waren, voegen ze tegenwoordig meer ruis toe dan waarde: ze stimuleren lukraak solliciteren en bieden geen inzicht dat verder gaat dan wat er op een plat cv staat. De funnel is het probleem – niet het talent. Dit is geen probleem van de recruiter. Het is een structurele fout.’

Geen genoegen met ruis

Zormati heeft een A.I.-app gebouwd (Sarah geheten) die zelf op zoek gaat naar mogelijk passende kandidaten bij functiebeschrijvingen en met hen automatisch contact opneemt via WhatsApp, sms of e-mail en vervolgens een eerste interview afneemt. ‘Vacaturesites zijn niet kapot omdat mensen gestopt zijn met solliciteren. Ze zijn kapot omdat ze nooit zijn geëvolueerd’, aldus Zormati. ‘Je hebt niet meer sollicitaties nodig. Je hebt ook niet meer profielen nodig. Of een nieuwe funnel. Je hebt een match nodig. De toekomst van werving begint niet met een vacature. Het begint met een recruiter die weigert genoegen te nemen met ruis.’

Nu wordt ongeveer 80% van de kandidaten als gekwalificeerd weergegeven – maar dat zijn ze niet.

Ook iemand als auteur Nicolas Wyman denkt dat A.I. wel eens dé oplossing kan zijn voor de vastgelopen arbeidsmarkt. Vacatures sturen nu te veel sollicitanten naar werkgevers, en die sollicitanten passen veel vaker niet dan wel – al ziet dat er op het eerste gezicht misschien anders uit. ‘Vroeger was misschien 20% van de sollicitanten geschikt voor de functie – nu wordt ongeveer 80% als gekwalificeerd weergegeven – maar dat zijn ze niet. Het is gewoon A.I. die ervoor zorgt dat ze geschikt lijken’, tekent hij op uit de mond van Simon Oldham, CEO van QJumpers, een bedrijf dat A.I.-recruitmentsoftware ontwikkelt.

Soft skills identificeren

Zowel de overdaad als de kwaliteit van de sollicitaties die vacaturesites leveren zorgt voor frustratie bij recruiters, aldus Oldham. A.I.-sourcing zou daarvoor volgens hem een oplossing kunnen bieden, temeer daar die beter in staat zou zijn om bijvoorbeeld ook de soft skills te identificeren waar werkgevers nu zo vaak zeggen naar op zoek te zijn. A.I.-screening zou aan de andere kant ook kandidaten voordelen kunnen bieden, omdat ze dan minder met ghosting te maken krijgen,en bovendien ook betere feedback kunnen krijgen waarom ze geen match met de functie zouden zijn.

‘Het oude model van jobboards die lukraak vacatures plaatsen, stort onder zijn eigen gewicht in elkaar.’

‘Het oude model van vacaturesites die lukraak vacatures plaatsen, stort onder zijn eigen gewicht in elkaar’, aldus Wyman. ‘A.I.-recruitment is niet zomaar een glimmend nieuw hulpmiddel – het is de resetknop die de sector al jaren nodig heeft. Precisie. Snelheid. Mensgericht ontwerp.’ De toekomst van werving ziet er dan ook bepaald niet uit als een vacaturesite, concludeert de A.I.-expert. ‘Het ziet er beter uit.’ Een betere toekomst derhalve. Maar dan dus alleen niet voor de vacaturesites die denken nog wel 5 jaar met hun huidige model vooruit te kunnen….

Lees ook

Welke communicatiestijl vindt jouw doelgroep het meest prettig?

Hoe kun je jouw doelgroep het beste aanspreken of aanschrijven? Is het een ‘je’ of toch nog een ‘u’? Willen ze graag overtuigd worden, of is een meer passieve stijl om ze aan te spreken beter? En hoe uitgebreid willen ze de vacaturetekst zien? Tot voor kort was er eigenlijk nauwelijks specifiek onderzoek naar (op enkele internationale voorbeelden na, die bijvoorbeeld voor alle doelgroepen samen een gemiddelde ideale lengte van 300 tot 660 woorden bepleiten). Maar Intelligence Group stelt er tegenwoordig wel vragen over in zijn regelmatige onderzoeken, zodat er inmiddels ook per doelgroep uitspraken over te doen zijn.

Wie had gedacht dat juist jongeren vaker de voorkeur geven aan uitgebreide vacatureteksten?

En dat leidt tot op het eerste gezicht soms best verrassende resultaten. Wie had bijvoorbeeld gedacht dat juist jongeren onder de 30 vaker de voorkeur (zeggen te) geven aan uitgebreide vacatureteksten dan ouderen boven de 50 jaar? En dat met name (v)mbo’ers en mensen van boven de 50 het liefst meer verhalende teksten willen, in plaats van de opsommende teksten die juist relatief meer geliefd zijn bij academici, en 30-minners? Ook opvallend: qua tekst/beeldverhouding zijn het juist de vrouwen en wo’ers die graag veel te lezen hebben, andere doelgroepen zien juist veel meer in een min of meer gelijkwaardige balans tussen foto’s en tekst.

Persoonlijk of zakelijk?

Als het gaat om een meer persoonlijke of juist een zakelijker vacaturetekst, dan zijn het vooral de mensen boven de 50 jaar en vrouwen die de voorkeur geven aan meer persoonlijke teksten, waarbij mensen onder de 30, wo’ers en mannen juist het liefst meer zakelijke teksten zeggen te willen zien. Hier zijn ook duidelijke verschillen tussen beroepsgroepen te zien. Beroepen met veel menselijk contact – denk aan; HRM, sociaal en medisch – willen bijvoorbeeld  het liefst zo persoonlijk mogelijke vacatureteksten zien, terwijl beroepen met minder menselijk contact (denk aan: landbouw, bouw en beleid) juist het liefst meer zakelijke teksten zien.

Beroepen met minder menselijk contact zien het liefst meer zakelijke teksten.

Zulke verschillen tussen beroepsgroepen zijn er ook te zien als je inzoomt op de vraag of werkzoekenden een passieve of juist liever een overtuigende communicatiestijl terugzien in vacatures. Over het algemeen is de neiging daarbij wel meer richting overtuigend dan passief. Maar kijk je een laag dieper, dan valt op dat werknemers in de landbouw, engineering, productie en ICT de meeste voorkeur geven aan een passieve stijl, terwijl juist mensen in de klantenservice, HRM, management en administratie veel liever meer overtuigende vacatureteksten zouden zien.

Punten opgesomd

Uit onderzoeken van Textio blijkt dat tussen de 30% en 50% van de tekst in bulletpoints optimaal is (waarbij 45% ideaal zou zijn). Met 5 tot 7 bulletpoints, en altijd meer punten bij ‘Wij bieden’ dan bij ‘Wij eisen’, zou je tekst mooi in balans zijn, zo is de algemene vuistregel. Maar uit het uitgebreide Intelligence Group-onderzoek blijkt ook hier wel wat nuance in verschillende doelgroepen te zitten. Zo blijken juist wo’ers en hbo’ers en de groep onder de 30 jaar meer voorkeur tentoon te spreiden voor meer opsommende teksten, en krijgen (v)mbo’ers en 50-plussers naar eigen zeggen juist liever meer verhalende teksten voorgeschoteld.

Mensen in de persoonlijke dienstverlening zien het liefst een meer verhalende vacaturetekst.

Mensen in R&D zien veruit het liefst een opgesomd verhaal. Ook engineering, ICT en kwaliteitsmanagement geven hieraan relatief meer voorkeur. Daarentegen willen vooral mensen in de persoonlijke dienstverlening het liefst een meer verhalende tekst zien. Een stuk daarachter komen de horeca, bouw, beveiliging en verpleging.

Meer weten?

Intelligence Group heeft momenteel een eindejaarsactie lopen: krijg 2 maanden gratis toegang tot alle data of bespaar 2.000 euro op losse zoekopdrachten.